Carpale tunnel syndroom

Hieronder vindt u algemene informatie over het carpale tunnel syndroom. Maak een afspraak met Dr. Melenhorst voor een analyse van uw klachten en persoonlijk advies over de behandelmogelijkheden.

 

Over het carpale tunnel syndroom

Het carpale tunnel syndroom, ook wel afgekort als CTS, is een klachtenpatroon dat ontstaat als gevolg van zenuwbeknelling. De beknelde zenuw is de nervus medianus (de middenhandszenuw) en de beknelling is gelegen ter hoogte van de pols (zie figuur 1). Op die hoogte loopt de zenuw, samen met de buigpezen van de vingers, door de carpale tunnel. De carpale tunnel wordt in de diepte gevormd door handwortelbeentjes, de carpale beenderen. Het dak van de tunnel is een strakke band, het zogenaamde ligamentum carpi transversum. Als er verhoogde druk optreedt in de tunnel, dan geeft dit als eerste klachten van de zenuw.

 

De nervus medianus verzorgt het gevoel in de duim, wijsvinger, middelvinger en in de helft van de ringvinger. Daarnaast stuurt deze zenuw spieren aan van de duimmuis. Typische klachten van het carpale tunnel syndroom zijn dan ook doofheid, tintelingen (paresthesieën) of een slapend gevoel in de duim, wijsvinger en middelvinger en helft van de ringvinger. Ook kunnen er klachten zijn van pijn, krachtsverlies, krampen en onhandigheid van de hand. De klachten treden vaak ‘s nachts op, maar kunnen ook voorkomen tijdens dagelijkse activiteiten. Hierbij kunt u denken aan fietsen, autorijden of het lezen van een krant. De klachten komen vaak tegelijkertijd aan beide handen voor.

 

De diagnose stelt dr. Melenhorst op basis van uw klachtenpatroon en op lichamelijk onderzoek van de hand en pols. Vaak verwijst dr. Melenhorst u naar de neuroloog, om met een EMG (electromyografie) de diagnose te bevestigen.

Figuur 1

De beknelling van de zenuw is op polsniveau gelegen, aan de zijde van de handpalm.


Omhoog