Expander - prothese

 

Hieronder vindt u algemene informatie over de borstreconstructie met een expander en een prothese. Maak een afspraak om u door Dr. Melenhorst te laten adviseren over de mogelijheden die bij uw situatie passen.

  

Over de borstreconstructie met expander en prothese

De borstreconstructie met expander en prothese is een veilige methode om een nieuwe borst te creëren. Deze methode bestaat uit twee operaties.

 

In de eerste operatie voert de chirurg een borstamputatie uit, waarbij uw borsthuid (en als het oncologisch veilig is ook de tepel en tepelhof) behouden wordt. In dezelfde operatie plaatst dr. Melenhorst een tissue expander, een soort siliconen ballon (zie figuur 1). Dit wordt een directe reconstructie genoemd: de borstkanker operatie en de eerste fase van de borstreconstructie vinden tegelijkertijd plaats. 

 

In de weken na het plaatsen van de expander wordt deze tijdens uw controle-afspraken op de polikliniek gevuld. Dit is mogelijk door een naaldje door de huid heen te prikken, in het vulreservoir van de expander (zie figuur 2). Door het vullen van de expander, wordt uw borsthuid langzaam opgerekt. Dit is een veilige manier om genoeg huid te hebben om de prothese te bedekken. U kunt meebeslissen tot hoever u de expander wilt vullen, om zo de definitieve borstmaat te gaan bepalen. Dit kan kleiner, groter of gelijk zijn aan uw oorspronkelijke cupmaat.

 

Op het moment dat de expander de juiste afmetingen heeft bereikt, wordt de tweede operatie gepland. Dit is minimaal drie maanden na de eerste operatie, zodat de borsthuid goed opgerekt is en blijft. In de tweede operatie vervangt dr. Melenhorst de expander voor een definitieve siliconen prothese (zie figuur 3). Meestal past hij tijdens deze ingreep ook lipofilling toe, waarbij lichaamseigen vet wordt verkregen en aangebracht bij uw borst. Hierdoor kan de huidlaag dikker worden gemaakt, waardoor de borst zachter en natuurlijker aanvoelt.

 

BESCHERMING VAN DE EXPANDER EN DE PROTHESE

Na een borstamputatie is de huid meestal dun. Om een extra beschermende laag te verkrijgen tussen de huid en de expander, maakt dr. Melenhorst een ruimte onder de grote borstspier (pectoralis major) door deze aan de onderrand los te maken van de ribben. Zo kan de bovenzijde van de expander onder de spier worden geschoven, waardoor deze voor ongeveer de helft bedekt is door spier (zie figuur 4). In de meeste gevallen kiest dr. Melenhorst ervoor om ook de onderzijde van de expander met een extra laag te bedekken. Dit kan met lichaamseigen weefsel wanneer u voor een kleinere borst kiest dan de oorspronkelijke borst die u had. Wanneer de afmetingen van de borst gelijkblijven, dan is het gebruik van een zogenaamd matje (van kunststof of kunsthuid) nodig (zie figuur 5). Met deze technieken is er dus een extra beschermende laag gemaakt tussen de huid en de expander. Wanneer de expander in de tweede operatie wordt vervangen door de definitieve prothese, komt deze op hetzelfde niveau onder de spier te liggen.

 

De borstreconstructie met een expander en prothese is bij uitstek toepasbaar bij de directe borstreconstructie. Direct betekent dat de reconstructie plaatsvindt tijdens dezelfde operatie als het verwijderen van het borstweefsel. Het belangrijkste voordeel is dat uw eigen borsthuid behouden blijft. Dat maakt het mogelijk om een zeer natuurgetrouwe borst te maken, met een minimum aan littekens. Ook is deze methode uitermate geschikt voor een dubbelzijdige borstreconstructie, omdat door het gebruik van identieke prothesen optimale symmetrie kan worden bereikt. De dubbelzijdige reconstructie komt vaak voor bij vrouwen die enkelzijdig borstkanker hebben, maar vanwege een verhoogd risico op borstkanker aan de andere kant voor een preventieve borstamputatie kiezen.

 

AANVULLENDE OPERATIES?

 

Om het beste en meest natuurlijke resultaat te bereiken, zijn er na de reconstructie met expander en prothese vaak nog aanvullende ingrepen nodig. De meest uitgevoerde is de tepel- en tepelhofreconstructie. Soms is lipofilling van één of beide borsten wenselijk, om lichte onregelmatigheden en contourverschillen te corrigeren. Een borstverkleining of juist borstvergroting van de niet-geopereerde borst is eveneens mogelijk. Dit heeft als doel om optimale symmetrie te bereiken in vergelijking met de gereconstrueerde borst.

Figuur 1. Tissue expander

De tissue expander, zoals dr. Melenhorst die gebruikt in de dagelijkse praktijk. De expander heeft een druppelvorm (anatomisch) en stuurt zo de borstvorm. Aan de rechterzijde (bovenzijde van de expander) is het vulreservoir te zien.


Figuur 2. Siliconen prothese

Voorbeeld van een siliconen prothese (anatomisch; druppelvormig), zoals dr. Melenhorst die in de dagelijkse praktijk gebruikt.


Figuur 3. Vullen van de expander.

De tissue expander kan worden gevuld, door deze door de huid heen aan te prikken met een dunne naald. Met een magneetje wordt het vulreservoir vanaf de buitenkant gelocaliseerd. Er is dus geen slangetje vanuit de expander door de huid heen.


Figuur 4. Ligging gedeeltelijk onder de borstspier

De tissue expander (en later ook de prothese) ligt voor de helft (bovenzijde) onder de grote borstspier.


Figuur 5. Ligging onder spier en onder matje

De tissue expander wordt aan bovenzijde bedekt door de grote borstspier, en aan onderzijde door een matje. Het matje zorgt feitelijk voor een verlenging van de borstspier, en bevestigt deze aan de rib. 


Omhoog